Regensoldaten

In de schemer van een uitgeregende middag staat Vosje op het terras voor de vakantietent, de armen breed in een alomvattend, zegenend gebaar. School is al even voorbij, definitief, zo lijkt het, maar de echte vakantie wil maar niet beginnen.

Zijn hoofd houdt hij schuin boven het tengere lijf, kin omhoog, naar waar hij weet dat de zon zich schuilhoudt. Hij zingt een Zonnelied, zo heeft hij aangekondigd. Onder de hoge luifel van de safaritent houden mussen zich schuil, maar de roeping van Vosje gaat niet zo ver dat hij de gebeden van Franciscus kan nazingen. Dit is een zelf gecomponeerd en geschreven werkstuk, met maar één blijde boodschap: Zon, kom terug.

Zijn vingernagels, elk gelakt in een andere kleur, weerkaatsen het zachte licht. Wanneer hij klaar is, komt hij tevreden weer binnen. Morgen zal ze schijnen, zegt hij, en neemt één van zijn bey blades. Een aanvalstype, deelt hij nog mee. Ik moet oefenen.

Wij vinden de luxueuze tent ook in regenweer nog best te pruimen. Meer dan een jaar Covid heeft ons onvermoede talent om voortdurend onder één dak te vertoeven tot volle bloei gebracht, deze compacte versie die we als vakantie hebben vermomd moet het hoogtepunt worden. Straks is er weer kantoor, school en creche en een huis dat elke avond opnieuw bewoond moet geraken.

Vosje’s smeekzang brengt niet meteen zoden aan de dijk – de zondvloed neemt stilaan Bijbelse proporties aan, nieuwszenders openen speciale kanalen over de rampspoed, steden lopen onder. Ik probeer ondertussen een foto te nemen van de opspattende regen, zodat we nooit meer zouden vergeten dat we hier waren toen de wereld weer eens dreigde te vergaan.

Regensoldaten noemt Kristien De Wolf de opspattende druppels, en het uitstekende, wat treurige boek zit in mijn bagage.

Ze (moeder) had ook een kast vol met dikke lederen fotoalbums. Daarin kleefde ze de plaatjes die wel degelijk naar gebeurtenissen verwezen, mooi geordend volgens een onzichtbare tijdlijn, met af en toe een stukje tekst, zodat ze bijna een stripverhaal vormden. Moeder haalde de boeken veelvuldig boven. Ze streelde de beelden met haar slanke vingers of tikte plaatjes aan met haar lange, rond gevijlde nagels.

Kristien De Wolf, Regensoldaten

Ik maak nog een foto, van Vosje en Raketman die samen op de schoot van hun moeder zitten. Dat tijd een rechte lijn is, met af en toe een stukje tekst, dat geloof ik al lang niet meer. Je moet dat ordenen, een leven, plooien en buigen, en dat hapert en breekt voortdurend, maar nu even niet, nu hebben we een glanzend stukje koperdraad, blinkend in de regen.

Een tent, een vrouw en een kind, en een regenbui die maar niet van ophouden wilde weten. Dat heb ik vroeger nog meegemaakt. Ik schreef toen geen stukjes, misschien was dat wat er mis met me was, dat ik niet vastlegde hoe het kind van toen de wereld probeerde te vatten. Het kind is ondertussen weg, hij is net verhuisd. Voor het eerst naar een eigen stek, met rekeningen die hij zelf zal aanvechten en betalen.

We vluchten naar de plaatselijke supermarkt, bananen voor Raketman, maar het is er vooral warm en droog, en dat scheelt. Op de terugweg maken we een ommetje, gewoon, omdat de auto nog kleiner is dan de tent. We zingen er een beetje bij.

3 gedachtes over “Regensoldaten

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s