Gebrek nr. 4: De kunst van de middelmatigheid


Alles van waarde is weerloos, en niets is voor altijd.

Zo overleed tijdens de vakantie David Berman. U hoeft hem niet te kennen, dat deed ik ook nauwelijks. Van mijn leeftijd, maar hij zat wel in dezelfde klas als Stephen Malkmus (Pavement, dat kent u dan misschien weer wel), en zelf dichter, cartoonist, zanger en songwriter van Silver Jews.

Zo’n band die enkel door wat muziekjournalisten en een paar toevallige fans wordt gesmaakt, wegens. Ja, waarom eigenlijk? Er zitten goeie hooks in de songs, de teksten zijn geweldig (en vaak hilarisch – luister maar eens naar How can I love you (if you won’t lie down), de muzikanten prima.

En toch.

Niemand is echt geïnteresseerd. Er is geen markt voor. Zeker, het is makkelijk de muziek weg te zetten als doorsnee Americana, de teksten als obscuur en te ver gezocht, de Silver Jews een vriendendienst van Stephen Malkmus. Berman maakte het je ook niet gemakkelijk. Drugsgebruik, onwillig, ongeinteresseerd en onbetrouwbaar wanneer het op promotie aankwam. I always said we would stop before we got bad, schreef hij toen hij in 2009 stopte met de Silver Jews. If I continue to record I might accidentally write the answer song to ‘Shiny Happy People.’

Kortom, naar de normen van de tijdsgeest vandaag de middelmaat zelve.

Geen eendimensionaal genie dat door de megafoons van de sociale media uitgeroepen kan worden tot dé stem van een generatie, geen verwevenheid met de grote problemen van de tijd, laat staan dat hij oplossingen zou aanbrengen. Geen marketable verhaal.

Niets van dat alles. Enkel een man die worstelde met zijn afkomst (zijn vader was een succesvol lobbyist van alles wat fout was in de vorige eeuw – tabak, rijden en drinken, slavenlonen, … ), zijn demonen (drugs en depressies) en zijn artistieke drive. Een twijfelaar. Een man van dertien talenten, die steeds bleef proberen. Omdat dat nu eenmaal moet, creëren.

Een meesterwerk zat er nooit echt in, maar dat maakte niet uit. Hij moet wel de overtuiging hebben gehad dat wat hij maakte de moeite waard was om gehoord te worden. Niet vanzelfsprekend. Velen zijn immers geroepen, en weinigen uitverkoren. Als commerciëel succes niet de maatstaf mag zijn, wat dan wel?

Wanneer ik weer eens een zin doorstreep in het manuscript van mijn tweede boek, zucht en recht sta, klaar om iets *nuttigs* te doen met de rest van de dag, de rest van mijn leven, is dat de vraag die ik niet onder ogen wil zien. Hoe uitverkoren denk ik wel dat ik ben?

Pretentie, niets dan pretentie …

Eerder dit jaar maakte Berman na lange tijd weer zijn opwachting, onder een nieuwe naam, Purple Mountains. De plaat klinkt net als de laatste van Silver Jews. Er bleek geen ontsnappen aan. En misschien kon hij het enkel weer met de ultieme deadline in het achterhoofd.

Deze zomer pleegde hij zelfmoord.

One more hero down.

Friends are warmer than gold when you’re old
And keeping them is harder than you might suppose
Lately, I tend to make strangers wherever I go
Some of them were once people I was happy to know

uit All my happiness is gone, de eerste single van Purple Mountains

Ps de wikipedia post over Richard Berman, de vader, is langer dan die over David Berman, de zoon. Zo gaat dat, in deze wereld.

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s