Zelfbeschikking (een theorie)


Het is vroeg. De trein schuifelt langzaam door het donker, de snelheid beperkt om onduidelijke redenen. Mist of regen buiten, dat is niet te zien. In de trein zijn mensen in hun schulp gekropen. Te vroeg opgestaan. Het warme nest, de stoom in de badkamer, een veel te hete koffie onaangeroerd. Achtergelaten voor een ongemakkelijke naslaap, of het verveeld doorbladeren van de krant of de facebook newsfeed. Gepraat wordt er niet.

Vilvoorde.  Een man stapt in, hijgend, de mond open, en laat daarbij een kerkhof van een  gebit zien. Wat er nog staat, staat er schots en scheef, sommige tanden zwart, andere geelbruin.

In de ochtendlijke vergadering is de stemming geduldig. Nespresso, vers geperst fruitsap en krakende croissants staan klaar. Onderwerp van gesprek is de noodzakelijke samenwerking tussen afdelingen, en de doelstellingen die daarbij horen. Het optimisme druipt van de geprojecteerde slideshow, maar de sprekers kunnen de klank van wishful thinking in hun stem niet onderdrukken.

Een Grieks ontbijt - zoals hier afgebeeld - wordt in sjieke vergaderingen niet geserveerd. Uit bijgeloof, ongetwijfeld.  Foto © Ria Aerts
Een Grieks ontbijt – zoals hier afgebeeld – wordt in sjieke vergaderingen niet geserveerd. Uit bijgeloof, ongetwijfeld.  Foto © Ria Aerts

Waarom – de vraag laat zich niet langer onderdrukken – waarom staan volwassen vrouwen en mannen veel te vroeg op, hijsen ze zich in nette kleren, en gaan ze rond een tafel een onderwerp bespreken waarin ze niet schijnen te geloven? Waar halen ze de motivatie vandaan?

Het moet zijn dat hun gevoel van autonomie, bekwaamheid of verbondenheid erdoor versterkt wordt. Misschien brengt het matineuze uur een gevoel van samenzweerderigheid met zich mee, maar sommigen rond de tafel zijn elke dag zo vroeg op kantoor. Voor hen is dit niks speciaals. Zelf moet ik vechten om geconcentreerd te blijven, de stem van de spreker heeft een aangename aum-achtige resonantie die, ergens op een dieper niveau, een zelden vermoed zengehalte in me aanboort.

Mijn aanwezigheid hier draagt niet bij tot het verhogen van het algemeen welzijn van de bevolking, gaat dwars in tegen wat ik het liefste doe op een ochtend – me nog eens loom omdraaien en aanschurken tegen dat andere warme lijf in bed – en een duidelijker beeld van mijn toekomst levert het me ook al niet op.

Anders gezegd, ik kan geen geldige reden bedenken waarom ik hier ben, behalve dat het als ongepast zou worden ervaren als ik hier niet ben. En dan neemt mijn gevoel voor verantwoordelijkheid toch weer de overhand. Ik sta op en neem nog een chocoladebroodje, in de hoop dat het opvoeren van mijn suikergehalte me bij de les kan houden. Maar in plaats daarvan komt dat kerkhof van een mond me weer voor de geest.

Mensen zijn broos. Dat had ik erbij gedacht, toen hij zo onbeschaamd zijn gebrek toonde. Hij kroop weg in een hoekje, met een gescheurde jas en een vuile jeans. Geen lectuur voor hem, geen smartphone. En ook niet op weg naar een comfortabele vergadering, dat was duidelijk.  Een onschuldig slachtoffer van het harde kapitalisme?  Mogelijk, maar dit was Vilvoorde – misschien was hij net terug uit Syrië.

Waar hij wel naar toe ging, geen idee. Voelde hij zich veilig in de trein? Verbonden met zijn medereizigers? Gewaardeerd, omdat hij op eenvoudig verzoek van de treinbegeleider een geldig abonnement kon tonen?  Een gerespecteerd deelnemer aan de samenleving? Of zou hij toch een minderwaardigheidsgevoel hebben? Het leek me van niet, hij glimlachte in zichzelf, leefde blijkbaar in een vrolijker plek dan deze trein.

Gedachteloos speel ik met mijn lege kopje. Om dan te merken dat ik er mijn wijsvinger in heb gekneld. Dit is genant. Ik krijg hem er niet meer uit. Terwijl ik probeer mors ik het kleine restje ristretto. Wat zijn mijn opties? Het kopje stuk slaan, en hopen dat ook het oor dan afbreekt? Ik zie mezelf al zo op tafel slaan, de vergadering opgeschrikt, mijn handen vol met bloed. Ik zal er moeten bij schuimbekken, wil het een beetje samenhangend overkomen.

Maar zo ben ik niet. Nooit. Geslaagde revoluties beginnen nooit aan de ontbijttafel. Ik ben hier om een constructieve bijdrage te brengen, niet om het porselein stuk te slaan. En ik moet toegeven, nu ik eenmaal hier ben, is mijn welbevinden afhankelijk van het goedkeurend gemompel van de andere aanwezigen, nadat ik toch maar een intelligent klinkende bemerking heb geplaatst.

Maar dat kopje knelt echt.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s