Pamflet!


‘Wie denk je wel dat je bent? Mij zo voor schut durven zetten? Onnozelaar!’

Dat moet zowat de pijnlijkste aanzet zijn geweest voor een gesprek met een baas dat ik ooit heb gehad. Of het moet die ene keer geweest zijn toen het gesprek zich beperkte tot de droge mededeling dat het zo niet verder kon. En dat ik dus kon gaan. Maar dat was geen gesprek in de ware zin van het woord. Of die keer toen men mij in een goed restaurant probeerde te overtuigen om zelf op te stappen. Of, in een beter restaurant, om toch vooral maar te blijven.

Ik mag, met andere woorden, niet klagen over gebrek aan aandacht van mijn bazen.

Niet dat je het woord ‘baas’ nog mag gebruiken. Niet meer van deze tijd. Vroeger heetten alle bazen ‘mijnheer’, simpel en duidelijk. Als ondergeschikte werd er niet met je gepraat, en als dat onverhoeds toch gebeurde, dan werd er zeker niet naar je geluisterd.  Je werd gewoon geacht je werk te doen, en verder liet  iedereen elkaar met rust.

Het is een tijd waarvan ik het einde nog meemaakte als zestienjarige jobstudent in een brouwerij. Het einde van de maand heb ik er niet gehaald.  Ontslagen wegens te grote mond (en nee, niet wegens te grote dorst).

Vandaag zijn individuen ontvoogd, en als individu smachten we naar waardering.  Van ons lief, van onze kinderen en ouders, van onze hond en onze goudvis. En dus ook van onze baas.  Het is een simpel verlangen. Maar weet je wat, dat verlangen is gekaapt door de moderne, Angelsaksische bedrijfsvoering. Met de afdeling personeelszaken – pardon, Human Resources heet dat nu, of welk eufemisme ze vandaag ook mogen gebruiken, als excuustruus.  Die woordkunstenaars, aasgieren van het kapitalisme en specialisten in gebakken lucht, hebben waardering zo gedraaid dat we niet langer een waarde zijn, maar een waarde hebben. Een wereld van verschil.

Ik leg het even uit. De waardes van alle personeelsleden samen heten het human capital, dat in  sommige bedrijven zelfs als immateriële activa op de balance sheet staan. Jouw stukje daarin wordt niet bepaald door wat je gedaan hebt  voor het bedrijf of nu doet, maar door wat je zou kunnen doen.  Je competenties dus, en de waarschijnlijkheid dat die waarde gaan creëren voor het bedrijf. Een extreem voorbeeld maakt het duidelijk. In het voetbal wordt  de waarde van een club onder andere bepaald door het optellen van de marktwaardes van alle individuele spelers. Mensen als koopwaar.

Om je waarde te behouden,  moet er geïnvesteerd worden. Alles om je competenties op peil te houden, en zo je  employability in de toekomst te garanderen.  Het vreselijke woord employability is de sleutel.  Het hebben van waarde is in één keer een eigenschap van het individu geworden, en niet meer die van het bedrijf. Terwijl … stond jij niet op hun balans?

(in Nederland is dit begrip ondertussen uitgebreid tot de hele maatschappij – die wordt nu geregeerd door participatief beleid, alles ligt  aan en bij de burger, de consument, de werknemer, de werkloze, de zieke zelf. There is no such thing as society, zei Margaret Thatcher al.)

Het is pure zwendel. Het laat het bedrijf toe om, als je waarde uiteindelijk te laag wordt, te doen wat elke teleurgestelde belegger doet. Afschrijven en het verlies nemen. Met andere woorden, je wordt ontslagen. Al wat je gedaan hebt voor het bedrijf, al wat je doet, het is van geen tel meer. Terwijl zelfs in het hyperkapitalistische voetbal van vandaag nog een gevoel van gemeenschap overblijft. Daar is de club (het bedrijf) ook nog altijd een community, een vervangend gezin desnoods – mét financiële waarde trouwens, zoals je in elke fanshop kan merken.

de spionkop van Schalke 04 - een echte gemeenschap - juicht de ploeg moed toe na de0-3 nederlaag tegen Chelsea
de spionkop van Schalke 04 – een echte gemeenschap – juicht de ploeg moed toe na de 0-3 nederlaag tegen Chelsea

Ik zet het nog even op een rijtje.  Eens was je een vaste waarde in het bedrijf, daarna had je een waarde, en nu telt niets van dat alles nog mee. Je wordt vermalen, en gereduceerd tot een cijfer – niet eens meer een nummer. Terwijl je toch nog steeds gewoon je werk doet. En, zoals elke mens, daar af en toe een compliment voor wil.  Een beetje nors gebromd desnoods,  dat kan je dan best verdragen. 

U begrijpt, de volgende keer dat u een betaalde baan zoekt, vergeet dan alle employer marketing.  Laat u niet verleiden door het zoetgevooisde geslijm van de HR business partner die tegenover je zit. Trap er niet in. Het enige wat telt is de relatie met je baas. Kies er één die je zonder gène ‘onnozelaar’ zal noemen – hij/zij is tenminste menselijk.

Advertenties

3 gedachtes over “Pamflet!

  1. Een echte fan ben ik van dit soort pamfletten. Eindelijk eens iemand die met de hakbijl erdoor de onverbloemde ‘waarheid’ schrijft over de mijnheren en de HR, wel in stijl!
    Eentje dus om in te kaderen.

  2. Ik kan je trekt alleen maar onderschrijven en het is er op HR vlak niet beter op geworden! Ik heb je stukje van afgelopen weekend net gelezen….zeer herkenbaar …..de werkgever doet met de werknemer wat hem uitkomt …niet meer maar ook niet minder! Langer werken, de oudere werknemer jongere laten opleiden, …thuiswerk, Skype,….luister naar mijn woorden, beoordeel me niet op mijn daden!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s